door Dhr. Antoon Kuhlmann

Zomeropruiming

12 juli

In de loop van dit voorjaar zijn een reeks “Planten van de Week” besproken. Vaak gebeurde dit aan de hand van foto’s uit de Botanische tuin en / of de Arcadische Tuin. Soms kon op een later tijdstip nog een interessante foto worden gemaakt of was er iets anders spectaculairs te zien. De zomerperiode lijkt een geschikt moment voor een opruimactie, met telkens een korte toelichting erbij. Soms letterlijk en figuurlijk om te smullen.
Gewone Salomonszegel
(aflevering 8 mei)
Aan de blauwgrijsgroene onderkant van het blad vreten de larven (bastaardrupsen) van een speciale bladwesp (Phymatocera aterrima) zich in juni gaten. Deze gaten lopen parallel met de bladnerven.
De nerven zijn niet smakelijk genoeg. Perfecte kleurcamouflage bladkleur en larve van deze bladwesp.
Aspergehaantje(Crioceris duodecimpunctata):

een keversoort die volledig gespecialiseerd is op aspergeplanten. De larven vreten alle smalle blaadjes weg; kale takjes resteren. Een prachtig rood kevertje met twaalf zwarte stippen
(duodecim = 12; goed tellen!). Dit kevertje loopt eind mei over de aspergeplanten, op zoek naar plekjes om eieren af te zetten. Aspergebloemen lijken erg op die van familielid Salomonszegel.


Aronskelk

(aflevering 15 mei)

Medio mei was het nog niet mogelijk om de bloem van de Italiaanse aronskelk te laten zien. De bloei ervan begon pas medio juni, terwijl Gevlekte aronskelk al medio april zijn bloeiwijze liet zien. De Italiaanse heeft geelwitte kolven; de Gevlekte paarsbruine. Op sommige plekken in het bos worden de ‘trommelstokken’ van de Gevlekte Aronskelk al zichtbaar. Over enkele weken zijn de groene bessen fel oranjerood.
Zandhagedis

Op mooie zonnige dagen kan men het geluk hebben om een zandhagedis te ontdekken op de rotspartijen van het Alpinum. Lekker genieten van de warmte. Fel lichten de smaragdgroene kleuren op. Voorzichtig…. anders kruipen ze snel weg!

Insecten:

zomaar twee stuks, ergens in de Arcadische Tuin.

← Links de Rozenkever (Phyllopertha horticola).

Rechts de fraaie → Distelboktor (Agapanthia villosoviridescent)

 


Toorts: rectificatie!

Meestal hebben bloemen evenveel meeldraden als bloemblaadjes (of een veelvoud ervan). In de aflevering van 29 juni stond dat Stalkaars en Koningskaars vijf meeldraden hebben: 3 kort en behaard; 2 langere exemplaren. Dit klopt! Maar op de foto ernaast stond een of andere variëteit / ‘misvormde’ bloem: 6 bloemblaadjes … en dus 6 meeldraden te zien. Hiernaast beide vormen!
Dagkoekoeksbloem: Neerslachtig?

In de aflevering van 15 juni beschreef ik dat bloemen van de Dagkoekoeksbloem éénslachtig zijn: af alleen meeldraden of alleen een stamper + vruchtbeginsel. En dat aan elke plant van de Dagkoekoeksbloem alleen maar mannelijke óf alleen maar vrouwelijke bloemen zitten. Tweehuizig heet dit.
Anders dan Dagkoekoeksbloem zijn de meeste bloemsoorten tweeslachtig. Een soort met eenslachtige bloemen kan éénhuizig zijn of tweehuizig; een soort met tweeslachtige bloemen is natuurlijk altijd eenhuizig. Er zijn plantensoorten die op elke plant bloemen hebben van telkens één van de twee geslachten!
Menigeen vindt dit al wat te ingewikkeld. Nog lastiger is het andere taalgebruik bij dieren en planten: denk maar eens goed door over begrippen zoals “zaad” en “vrucht”.
Vrouwelijke Dagkoekoeksbloem-planten dragen zaad. Dit zaad zit opgeborgen in een soort vaasje. Eenmaal voldoende rijp barst dit vaasje open en krult altijd met precies tien slippen om. Dan zie je de kleine paarsachtige zaadknikkertjes liggen. Klaar om verspreid te worden door het bewegen van de plan in de wind.

naar Plant v.d. week Archief