De
gewone Tuinjudaspenning kent waarschijnlijk iedereen wel.
Planten met fel paarse bloemen, die vroeg in het voorjaar
bloeien en die in het najaar schitteren met hun zilverwitte,
platte ronde vruchten. Een soort die je maar één keer in je
leven in je tuin hoeft te zaaien. Elk jaar begint ergens wel
weer een nieuwe plant. Eenmaal gezaaid, raakt men ze niet meer
kwijt. De andere judaspenning is minder bekend, maar wel zo
mooi: Wilde judaspenning. In de Botanische tuin groeit deze
soort op de beschaduwde westhelling van het Alpinetum. In het
najaar en de winterperiode staan ze daar te schitteren, niet met
hun bloemen maar met hun vruchten.
Zowel de Tuinjudaspenning als de Wilde judaspenning komen van
nature niet in Nederland voor. De eerste soort is afkomstig uit
Zuidoost Europa en is hier min of meer verwilderd, na ooit eens
`ontsnapt´te zijn uit een siertuin. De Wilde of Welriekende
judaspenning komt uit de bergachtige gebieden van centraal en
Zuid Europa. Daar groeit de soort meestal op vochtige,
beschaduwde hellingen langs beken en waterlopen. Het is een
echte schaduwliefhebber. In België (Wallonië) staat de Wilde
judaspenning op de Rode lijst en is daar een beschermde
plantensoort.
De wetenschappelijke naam van Tuinjudaspenning luidt Lunaria
annua. Het Latijnse Luna betekent `maan´. Wanneer men de
cirkelronde platte schijfvrucht kent, verwondert deze aanduiding
niet. Het Latijnse woord annua wil zeggen ´jaarlijks´of
`eenjarig´. Deze aanduiding is overigens niet juist, want de
soort is eigenlijk tweejarig. Pas in het tweede jaar na
ontkieming bloeien de planten en worden de zilverwitte vruchten
gevormd. De wetenschappelijke naam van Wilde judaspenning luidt
Lunaria rediviva. Het Latijnse rediviva wil zo veel zeggen als
´hergebruikt´ of `al eerder gebruikt´. Wilde judaspenning is dan
ook een vaste plant (`deed het vorig jaar ook al!´) die elk
voorjaar opnieuw uitloopt vanuit een wortelstok met ver
verspreide uitlopers . De plant wordt zo´n 75 - 100 cm hoog. De
bloemen van beide soorten lijken als twee druppels water op
elkaar. Bloemen met vier kroonblaadjes, een soort
mega-uitvoering van de wel bekende Pinksterbloem. De kleur van
Wilde judaspenning is niet zo schreeuwerig paars als van de
Tuinjudaspenning, maar heel lichtblauw tot lichtviolet. Wilde
judaspenning ruikt heerlijk, vooral aan het begin van de avond.
Een zoete geur die lijkt op die van viooltjes. Niet voor niets
geeft men de soort soms ook wel de naam `Welriekend´. Vlinders
bezoeken de planten graag, zoals het Oranjetipje en de
Koolwitjes.
Judaspenning valt vooral op door haar zaaddozen. Beter gezegd:
door het vliesdunne, zilverwitte tussenschot van deze zaaddozen.
Kort na de bloeiperiode worden de platte zaaddozen al zichtbaar.
Appelgroen zijn ze in het begin; later grijsachtig of vuil
lichtbruin. In de loop van de nazomer vallen de buitenste
bekleedselen af. Dan resteert nog slechts het flinterdunne
tussenschot. Op dit tussenschot zijn de grote en platte zaden
‘geplakt’. Een zwartbruine nerf verbindt deze zaden met de
buitenrand, alsof ze met een draad stopgaren hieraan vast zijn
genaaid. Op dat moment is het verschil tussen de
Tuinjudaspenning en de Wilde judaspenning het duidelijkst.
Judaspenning bezit 4 -6 cm grote, nagenoeg helemaal ronde
tussenschotten. Die van Wilde judaspenning zijn meer ovaal en
smaller, eigenlijk ruitvormig, dikwijls met een slag erin.
De naam Judaspenning is eenvoudig te verklaren. Een oude
volkslegende verhaal vertelt dat Judas Iskariot zich na zijn
verraad ophing in een vlierstruik (zie ook “plant van de week”
van 27 september). Vlak voordat hij zich verhing, gooide hij uit
schaamte de dertig zilverlingen weg die hij voor zijn verraad
had ontvangen. Uit dit muntgeld ontsproten na enige tijd
planten: sterk op munten lijkende judaspenningen.
Een kort gedicht van een mij onbekende dichter refereert naar
deze voorgeschiedenis:
Judaspenning
en ook nu
is verraad
nog steeds te koop
macht aan de zilverlingen
verkwanseling
van loyaliteit en hoop.
Het is opvallend hoeveel verschillende namen men deze
plantensoort heeft gegeven. Tegenwoordig heeft iedereen het over
judaspenning, maar een uitgebreide reeks van streekgebonden
namen legde vroeger al een verband met geld, geloof of het
verraad van Judas, maar ook met de maan of een bril. Een
opsomming hiervan: zilverzaad, zilverling, zilveren gulden,
guldenplant, kwartjesplant, centenkruid, penningbloem,
pausengeld, geld van Rome, papengeld, roomsgeld, judasbeurs,
judasgeld, slechtgeld, duivelskruid, brillenglas, maanbloem.
|
|
 |
|
↑Bloemen
Wilde judaspenning↓ |
 |
| |
 |
|
↑
Oranjetipje |
 |
|
Groene
zaaddozen Wilde judaspenning |
 |
 |
Zaaddozen Judaspenning
↑Wilde judaspenning/Tuinjudaspenning
|
 |
|
Winterbeeld Aalpinetum
Botanische Tuin
met zaaddozen Wilde judaspenning |
|