Een groot veld met deze prachtige, botergele bloemen staat te
schitteren in het moerasgedeelte van Hortus Arcadië.
De wetenschappelijke naam van Dotterbloem luidt Caltha palustris.
Het tweede gedeelte van deze naamgeving maakt duidelijk dat
dotterbloemen de voorkeur hebben voor een moerassige omgeving.
Het liefst met hun voeten in het water! De soort heeft grote
ronde, soms enigszins hartvormige, donkergroene en lang
gesteelde bladeren. Opvallend is dat de bladeren - naarmate ze
hoger aan de stengel zitten - steeds kleiner worden en ook de
bladsteel steeds korter wordt.
In april – mei vallen de diepgele bloemen op. De bloemen bestaan
normaliter uit vijf bloembladeren (soms 6 of 8) en hebben soms
wel met een doorsnede van vijf centimeter. Dooiergeel! “Dotter”
en “Dooier” zijn van oorsprong nauw aan elkaar verwante
begrippen. In vroegere tijden werden de bloembladeren wel
gebruikt om de boter een mooiere gele kleur te geven. Hoeveel
van die prachtige bloemen zou je daarvoor wel niet moeten
plukken? Ook was het daarmee ook nog eens oppassen geblazen,
want zoals bijna alle leden van de Ranonkelfamilie is ook
dotterbloem giftig…. behalve vroeg in het voorjaar.
Aan de basis van de stampers zitten honingkliertjes die ’s
ochtends duidelijk zichtbaar heldere druppels honing produceren.
Allerlei vliegen, kevers en bijen komen hierop af. De zaden
zitten in kokervruchten, die als een egeltje bij elkaar zitten.
Deze vruchten springen bij rijping open, waarna de zaden zich
drijvend op het water verspreiden.
Soms kent Dotterbloem ook een andere vermeerderingsmethode dan
via zaad. In gebieden waar het zoetwaterpeil dagelijks varieert
(bijvoorbeeld de Biesbosch) komt de zgn. Spindotter voor. Bij
laag water knikken de bloemstengels door hun gewicht naar
beneden. Aan de stengelknoppen vormen zich daarbij wortelkluwens
die lijken op spinnen. Deze stengels kunnen tijdens ruw weer
worden losgescheurd van de moederplant en ergens anders
zelfstandig doorgaan.
Het familielid Speenkruid lijkt wel een soort mini dotterbloem
te zijn. Ook van deze soort is het blad rond- of hartvormig, zij
het stukken kleiner. Speenkruid kent echter ALTIJD meer dan vijf
bloembladeren. Normaliter zijn het er acht. Deze heldergele
bloembladeren staan overdag als stervormig uitgespreid. Vanaf
eind februari vrolijkte Speenkruid de bosgrond van Hortus
Arcadië op. De tijd zit er weer op. Medio mei vergeelt het blad
en gaat het ondergronds verder, tot het volgende voorjaar.
Speenkruid vormt nagenoeg nooit zaad. Ze verspreidt zich via de
speenvormige wortelknolletjes. Ook Speenkruid is – zoals het een
goed lid van de Ranonkelfamilie betaamt – giftig. Het sap kan
vervelende en slechts genezende huidwonden veroorzaken. Inwendig
gebruik raadt men ten sterkste af.
Speenkruid
|
|