|
Bosbingelkruid is eenhuizig en de bloemen zijn eenslachtig.
Een bijzonderheid! Elke bloem is óf vrouwelijk (dus alleen
stampers) óf mannelijk (heeft alleen meeldraden). Elke plant
draagt daarnaast ook nog eens óf alleen vrouwelijke óf
alleen mannelijke bloemen. Voor zaadvorming zijn minstens
twee planten van verschillend geslacht nodig. De bloemen
zijn overigens nauwelijks bijzonder. Een halve centimeter
groot en groenachtig gekleurd. De mannelijke bloemetjes
zitten aan een schijnaar en dragen telkens 9 of meer
meeldraden. Deze schijnaren steken schuin naar boven en
buiten de bladeren uit. De bloemen van de vrouwelijke
planten staan meestal alleen en zitten min of meer
verscholen tussen de bladeren.
Bosbingelkruid komt begin maart al boven de grond. Met alles
tegelijk. Dit wil zeggen blad, bloemstelen en bloemknoppen
op hetzelfde moment. In de weken erna vouwen de bladeren
zich uit, wordt de lichtgroene kleur donkerder en strekken
de bloemaren zich. Deze ontwikkeling is een beetje te
vergelijken met het verschijnen van een vlinder of een
libelle uit een cocon: poten, ogen, kop en vleugels zijn
direct na het ‘uitsluipen’ zichtbaar maar het duurt een paar
uur voordat alle lichaamsdelen de juiste afmetingen hebben
gekregen en op kleur zijn gekomen.
Bosbingelkruid groeit bij voorkeur op de donkerste plekken
in het eiken-beukenbos. Net zoals Klimop stelt de soort
nauwelijks eisen aan de hoeveelheid licht. Echt prettig
voelt de soort zich wanneer er sprake is van stromend
grondwater. De soort heeft een hekel aan stilstaand
grondwater. De planten van Bosbingelkruid hebben dicht
vertakte wortelstelsels, die samen een compacte kluwen
vormen. Voor andere planten(soorten) is er hierdoor
nauwelijks plaats. Dit hechte wortelstelsel draagt er toe
bij dat de grond prima vast wordt gehouden. Op boshellingen,
begroeid met Bosbingelkruid, treden dan ook nagenoeg nooit
bodemerosie of aardverschuivingen op. Ook beekoevers
behouden met deze bodemversteviging hun oorspronkelijke
loop.
Bij het Philosophenpad (het naambord heeft nog steeds de
oorspronkelijke, oude spelling!) door de Botanische tuin
groeit een groot plakkaat Bosbingelkruid. Het merendeel
hiervan zijn mannelijke planten; slechts enkele vrouwelijke
planten. De plek, die het Bosbingelkruid bedekt, wordt elk
jaar wel steeds groter. Het is dan ook zaak dat bij het
beheer kritisch op deze soort wordt gelet. Wanneer verdere
uitwoekering ten koste gaat van andere soorten, zal men
hieraan ‘paal en perk’ moeten stellen.
Fijn gewreven of gekneusd blad van Bosbingelkruid ruikt
onaangenaam; het stinkt duidelijk naar rotte vis.
Bosbingelkruid heeft nog een andere bijzondere eigenschap,
namelijk dat het al duizenden jaren wordt gebruikt om wol en
linnen te verven. Deze eigenschap blijkt al wanneer men een
exemplaar droogt. Gedroogde stengels krijgen dan een typisch
metaalblauwe glans. Stoffen krijgen na een verfbad dezelfde
blauwe kleur. Alles kleurt echter rood wanneer dit verfbad
gemengd wordt met een zuur zoals azijn. Blauw of rood, beide
kleuren zijn dus mogelijk, afhankelijk van de samenstelling
van het verfbad. Dit tweeledige karakter van Bosbingelkruid
komt ook terug in de wetenschappelijke naamgeving:
Mercuriallis perennis. Het Latijnse Mercurialis wil zeggen:
lijkend op de god Mercurius. Mercurius was niet alleen de
godheid die als eerste wees op de geneeskrachtige
eigenschappen van planten, ook had hij de gewoonte om onder
verschillende gedaanten te verschijnen. De naar deze godheid
vernoemde plantensoort kent ook telkens verschillen. Het ene
moment kleur deze blauw en op een ander moment weer rood. De
plant is óf mannelijk óf vrouwelijk.
Bosbingelkruid had 300 jaar geleden grote wetenschappelijke
betekenis. In die tijd kwamen de geleerden er achter dat
meeldraden mannelijke en stampers vrouwelijke organen waren.
Men vond het wel altijd vreemd dat Bosbingelkruid in twee
verschillende vormen voorkwam, in een – na toen eerst
duidelijk werd –mannelijke of een vrouwelijke vorm. Rudolf
Camerarius ontdekte dat planten pas zaad vormden na
bestuiving van de stampers. Met behulp van onder andere
Bosbingelkruid – met óf mannelijke óf vrouwelijke planten -
bewees hij de geslachtelijke voorplanting van planten.
De god Mercurius verscheen niet alleen onder verschillende
gedaanten. Hij stond er ook om bekend dat hij de toekomst
kon voorspellen en dat hij het goede nieuws kwam vertellen.
Men dacht vroeger dan ook dat het consumeren van enkele
mannelijke exemplaren van het naar hem vernoemde
Bosbingelkruid zou leiden tot de geboorte van een jongetje.
Het opeten van een vrouwelijke plant zou zekerheid geven
over de geboorte van een meisje. Bosbingelkruid dat
kledingstoffen ook nog eens blauw óf rozerood kleurt. Zie
hier een historische onderbouwing waarom babykamers tot op
de dag van vandaag nog steeds blauw óf roze worden
ingericht. Houd het weinig opvallende Bosbingelkruid daarom
in ere.
naar Plant v.d.
week Archief |
|
↑Jonge
mannelijke planten (maart) |
 |
|
Spinaziegroen blad (mei)
↑ |
 |
|
Detail mannelijke bloemen (9 meeldraden)
↑ |
 |
 |
|
Vrouwelijke plant met vrouwelijke bloemen |
Kleine groene vruchtjes aan
vrouwelijke plant |
 |
|
Herfstbeeld Bosbingelkruid:
kenmerkende blauwgroene verkleuring |
 |
|
|
|
|
|