|
De eerste naamgeving stamt uit het Grieks en duidt op de
bladeren die telkens afwisselend tegenover elkaar staan maar
desondanks door de regelmaat de indruk wekken van twee vleugels.
De Latijnse toevoeging ‘multiflorum’ staat voor ‘met veel
bloemen’ . De Nederlandse naamgeving houdt verband met Koning
Salomon. Diens zegel zou een zekere overeenkomst vertonen met de
ronde lidtekens van de stengels op de wortelstokken. In vroegere
tijden dichtte men nog wel meer bijzondere eigenschappen toe aan
deze soort. Medicinale toepassingen hierbij te over:
urinedrijvend, jicht, hernia, nierstenen, bloeduitstortingen en
huidontstekingen. Toch is het hierbij oppassen geblazen.
Inwendig gebruik gaat namelijk dikwijls gepaard met vervelende
complicaties. Medicinale eigenschappen van bepaalde
plantensoorten worden vaak toegeschreven aan de
verschijningsvorm. Het is dan ook niet verwonderlijk dat men
Salomonszegel met zijn gebogen bloemstengels, voorzien van een
reeks met telkens twee bladeren, associeert met een wervelkolom
en dus met een heilzame werking op allerlei rugklachten.
Eind april - begin mei verschijnen de bloemen. Weinig
opvallend. Crèmewitte klokjes met een lichtgroen randje. Uit
elke bladoksel ontspringt één bloemsteeltje, met daaraan één,
soms twee of meer bloemen in een trosje bij elkaar. In de zomer
verschijnen de vruchten. De aanvankelijk groene bessen kleuren
later blauwzwart. Deze bessen zijn 0,5 tot 1 cm groot. Men kan
ze deze bessen beter maar niet opeten. Gewone Salomonszegels
groeit bij voorkeur in een bosachtige omgeving. Zelfs wanneer er
sprake is van een behoorlijke beschaduwing weet deze soort zich
goed te handhaven. In de bosachtige gedeelten van Hortus Arcadië
ziet men Salomonszegel dan ook overal langs de wandelpaden
opgroeien. Licht gebogen; heen en weer wiegend en gracieus.
Salomonszegel is nauw verwant van enkele andere plantensoorten
die zeer tot ieders verbeelding spreken: Asperge en
Lelietje-der-dalen.
vruchten/"bessen" Salomonszegel |
|