door dhr Antoon Kuhlmann

Klimop

 

 3 januari

Wintergroen. Klimop is een van de weinige, inheemse planten die haar bladeren ’s winters niet verliest. Het glimmende, donkergroene blad valt juist in dit jaargetijde nog meer op dan in andere seizoenen. Bosgrond blijkt soms compleet bedekt te zijn met Klimop; geen enkele andere plant kan zich ertussen handhaven. Tevens kruipen klimopstengels soms wel 15 tot 20 meter hoog de bomen in. Stam en takken dragen daarbij

zo’n zware vracht klimop dat het lijkt of die bomen een stuk dikker zijn en als het ware nog in volop in blad staan. Zoals zo vaak: schijn bedriegt.

Klimop behoort tot de kleine Klimopfamilie. Onze Klimop is het enige geslacht van deze familie dat in (West) Europa inheems is. De wintergroene bladeren zijn meestal handvormig gelobd, soms zijn ze dieper ingesneden. Oudere planten hebben de gewoonte om in bomen en struiken te groeien. Boven in de boomkronen krijgt Klimop meer licht. Als reactie hierop verandert het blad bovenin van vorm. Ze worden meer ruitvormig, vaak zelfs eirond. Alleen de klimscheuten dragen bloemen, niet de takken die over de grond kruipen. Klimop bloeit erg laat in het jaar, namelijk pas in september – oktober. De bloemen vallen met hun geelgroene kleur niet erg op. Wel trekken ze veel insecten aan. Bijen vliegen zo laat in het jaar maar wat graag naar bloeiende Klimop. Ze vinden daar nog een welkome aanvulling van hun nectarvoorraad. Eind november verschijnen de kogelronde bessen. Aanvankelijk blauwgroen gekleurd; later worden ze blauwzwart. Pas in het voorjaar zijn de bessen rijp. Ze vormen dan gewild voedsel voor merels. Veel meer is er op dat moment immers ook niet te vinden.
Klimop klimt met hechtworteltjes naar boven. Ze beschadigen gezonde bomen niet; dringen niet door de bast naar binnen. Elke plant zorgt gewoon zelf voor de aanvoer van voldoende hoeveelheid vocht en voedingstoffen. In een enkel geval wordt het gewicht aan Klimop iets te veel van het goede. Takbreuk of zelfs omvallen van zo’n boom behoort dan tot de mogelijkheden. Meestal is de boom in kwestie dan al door andere oorzaken in mindere conditie. Bomen, die tot hoog in de kroon zijn vol gegroeid met Klimop, vormen een uitstekende aanwijzing voor iets betere bodemomstandigheden. Op arme, schrale gronden klimt Klimop namelijk niet omhoog, maar beperkt zich tot de rol als bodembedekker.

Klimop wordt dikwijls toegepast in siertuinen, maar het is ook een graag gebruikte kamerplant. Niet in het minst vanwege de grote variatie in bladkleur en bladvorm. Kwekers zijn er gek op. Klimop is namelijk gemakkelijk te stekken en bijzondere vormen zijn in een korte tijd in grote hoeveelheden te produceren. Een goed voorbeeld hiervan vormt de circa 1 kilometer lange geluidswand langs de Wychenseweg in Nijmegen, ter hoogte van Lindenholt. Deze geluidwand is van onder tot boven ingeplant met Klimop en vormt zo een groene muur langs het fietspad. Jarenlang knipte een kweker hier stekmateriaal. Hij hoefde zich hiervoor zelfs niet te bukken, met als snel resultaat een grote hoeveelheid Klimopstekken van één en dezelfde variëteit. Voor de gemeente betekende dit een kostenbesparing want geplande snoeibeurten konden vervallen. Klimop is overigens uitstekend bestand tegen luchtvervuiling. Tijdens een regenbui spoelt het vuil gemakkelijk af van het gladde, leerachtige bladoppervlak.
In de Botanische Tuin groeit op allerlei plekken Klimop. Op de grond en in de bomen. Het duidelijkst is dit het geval in de noordelijke punt. Hier is de bodem volledig bedekt; ook is Klimop in elke boom geklommen. Om te voorkomen dat wat minder vitale bomen onder de last bezwijken is het soms nodig de dikke Klimopbundels door te knippen. In dit gedeelte van de Botanische Tuin vormt de Klimopbegroeiing een welkome rust- en nestgelegenheid voor allerlei vogelsoorten, insecten en andere dieren. In tegenstelling tot elders, wordt daarom Klimop hier met rust gelaten.

In het oud-Nederlands wordt Klimop ook wel Eiloof genoemd. “Ei” is een verbastering van ‘eeuwig’: dus ‘altijd in het blad’, wintergroen. De wetenschappelijke benaming van Klimop luidt Hedera helix. Helix wil zeggen: gedraaid. In de klassieke oudheid droeg het heiligdom van de wijngod Dionysos (Bacchus) de naam Hedera. Klimop wordt van oudsher in relatie gebracht met trouw en onsterfelijkheid. Op wandschilderingen droegen personen dikwijls een Klimopkrans. In schril contrast hiermee stonden personen met een bladerkrans van de wijnstok. Laatstgenoemden werden geassocieerd met liederlijkheid, verkwisting en eindigheid.
Wanneer men Klimopblad tussen de vingers kapot wrijft, komt een typisch bitter aroma vrij. Klimopblad blijkt rijk aan mineralen. Aan de soort worden dan ook allerlei medicinale eigenschappen toegekend. Vooral huidontstekingen zouden hiermee prima behandeld kunnen worden. Maar – zoals bij veel plantensoorten - heeft Klimop ook negatieve kanten. De bessen blijken bijvoorbeeld behoorlijk giftig te zijn. Een andere negatieve kant van Klimop is de sterke groei die soms tot overwoekering leidt. Dit kan volledig uit de hand lopen, zoals in delen van de Verenigde Staten en Australië. Daar is het zelfs verboden om Klimop te koop aan te bieden en aan te planten. In die gebieden vormt Klimop een ware plaag. En mocht u – als gevolg van iets te veel alcoholgebruik – aan de jaarwisseling een kater te hebben overgehouden, dan was u op Oudjaarsdag iets vergeten. De oude Grieken droegen namelijk een krans met klimopbladeren op uw hoofd om zich hiermee te beschermen tegen dronkenschap. Iets om te onthouden voor een volgende keer. Het nieuwe jaar 2010 is begonnen, vol met ongekende kansen.

 

naar Plant v.d. week Archief

 

á5-tallige groengele bloemetjes

Blauwzwarte bessen Klimop

ávarianten bladvormâ

ávarianten bladvormâ

Klimop als bodembedekker
in de Botanische Tuin

Klimop als bomenklimmer
in de Botanische Tuin