Hortus Arcadië jubileert:
een cadeautje voor of van Nijmegen?

 

 

13 september 2009

Deze week start de jubileumviering van Hortus Arcadië. Veertig jaar geleden begon men met de aanleg van de Botanische tuin. Tien jaar geleden nam Stichting Hortus Arcadië het beheer hiervan over van de Radboud Universiteit. Alle reden voor een feestje. Krijgt Hortus Arcadië een cadeau of is Hortus Arcadië een cadeautje voor de bewoners van Nijmegen en omgeving? De toekomst zal het leren.
U kunt met uw felicitaties ook naar de Educatieve Natuurtuin Goffert. Zij vierden begin september hun 25 jarig bestaan. In Nijmegen kent nog twee andere ‘groene’ verzamelingen, namelijk het kleine arboretum van de vroegere Rijkstuinbouwschool aan de Marialaan (Park Leeuwenstein) en de uitgebreide sortimentstuin (bomen, sierheesters, vaste planten) van Helicon Opleidingen aan de Energieweg. In Nijmegen was van oudsher altijd al belangstelling voor plantenverzamelingen, gekoppeld aan onderwijs. Halverwege de 17e eeuw werd hier aan de Kwartierlijke Hogeschool al in de kruidkunde onderwezen. Tussen 1821 en 1828 legden een groep Nijmeegse apothekers geld bij elkaar en begonnen een Medicinale Kruidentuin. Deze tuin lag midden in het oude centrum, tegen over het toenmalige Hospitaal aan de Mariënburg (ongeveer waar nu Theater Lux staat).
Men wilde met deze tuin de kruidkundige botanische kennis vermeerderen. In 1828 was de belangstelling echter zo gering dat de grond verkocht werd. Rond 1833 kwam er een nieuw initiatief, wederom van apothekers en artsen, verenigd in de `Artsenijmengkundige Vereniging´. Men begon met een Hortus botanicus in de tuin van het oude huis Doddendaal, vlak bij het huidige Kronenburgerpark.

Toegangskaartje Hortus botanicusmidden 19e eeuw

Deze Hortus (9 roeden groot) bestond onder andere uit een tuinhuis, een verwarmde kas en een vijver met waterplanten. De Hortus was vooral bedoeld voor de toenmalige apothekersopleiding, in de volksmond ook wel de `pillenschool´ genoemd. Vanaf 1836 kon het publiek al deelnemen aan `botanische wandelingen´. Alle planten waren systematisch op naam ingeplant. Ontwikkelingen in de plantensystematiek leidden er wel toe dat de planten regelmatig moesten worden verplant. In 1836 kregen bijvoorbeeld alle planten een andere plek vanwege de nieuwste indeling van de plantenfamilies. De catalogus uit 1850 omvat 900 verschillende plantensoorten. Men besteedde ook aandacht voor wilde planten. Zo publiceerde Theo Abeleven rond 1850 de Flora Noviomagensis, waarin hij de wilde flora van Nijmegen en omgeving beschreef. Hij actualiseerde dit in 1887 met een tweede uitgave van de Nijmeegsche Flora. Bijzonder is dat in 2007 een nieuw standaardwerk verscheen, getiteld`Flora van Nijmegen en Kleef´. Deze een 600 pagina dikke, systematische catalogus beschrijft alle (min of meer) wilde plantensoorten, die tussen 1800 en 2006 in (het Rijk van) Nijmegen en in de omgeving van Kleef zijn waargenomen.
In 1878 werd de grond van de Hortus botanicus verkocht aan het kerkbestuur van de St. Franciscuskerk. Er was nog nauwelijks belangstelling. Tevens was de `pillenschool´ opgegaan in de nieuwe Hogere Burger School (HBS).

Het duurt daarna 90 jaar voordat er weer een Botanische Tuin in Nijmegen kwam. Toen de nieuwe studierichting Biologie in 1957 startte, had men al snel behoefte aan een dergelijke plantenverzameling, ter ondersteuning van het onderwijs aan de universiteit. De eerste aanplant begon in 1959, op een tijdelijke plek nabij de Verlengde Groenestraat / Kapittelweg. Met de huidige Botanische Tuin in Park Brakkenstein werd in 1969 begonnen. Hier lag de nadruk juist op planten die van nature in deze omgeving voorkomen. Midden jaren ´90 was de universiteit van mening dat het aanhouden van een Botanische Tuin niet meer paste in het onderwijsconcept. Daarmee brak een periode aan met steeds minder onderhoud. Maar gelukkig: in 1999 nam Stichting Hortus Arcadië het beheer van de Botanische Tuin over en organiseerde in de Arcadische Tuin met educatieve activiteiten, tuinconcerten en exposities van beeldende kunst. “Anno 2009 is de tuin een groene parel in de natuur van de stad. Een plek om te koesteren, te ontdekken, om van te genieten en om van te leren!” Op die uitnodigende wijze werd de tuin onlangs beschreven.

Met de Stichting Hortus Arcadië wordt voor de derde keer in de Nijmeegse geschiedenis een Hortus botanicus in stand gehouden met particulier initiatief. Met Hortus Arcadië is – wat Nijmegen betreft - dus eigenlijk niets nieuws onder de zon. In de 19e eeuw ondersteunde Gemeente Nijmegen de Hortus financieel op genereuze wijze. Vanaf 1845 tot 1875 verstrekte de Gemeenteraad jaarlijks een behoorlijk bedrag voor de instandhouding ervan. Dit is echter al weer een eeuw geleden. Hoop kunnen we putten uit het bekende gezegde: `Goed voorbeeld doet goed volgen´.
Nog twee anekdotes uit de oude doos. In 1833 bedroeg de jaarlijkse lidmaatschapsbijdrage 4 gulden, een kleine 2 euro dus. Vergeleken met de huidige (dikke) Vrienden-bijdrage een fors bedrag. Maar men bezat dan wel een doorlopend toegangsbewijs. Hierop stond nadrukkelijk aangegeven dat men niets in de Hortus mocht plukken of vernielen, voor welk doel dan ook. Wilde men toch iets hebben, bijvoorbeeld voor onderzoek, dan moest men dit eerst netjes vragen aan de directeur.

Oude plattegrond Botanische Tuin Kath. Universiteit Nijmegen â

Winterbeeld vijver

Bijzondere planten zoals Hondstand

muziekzondagen

Oude ‘droomplannen’ voor
de Arcadische Tuin

“Hommage aan Bernini”
Gerard Bruning

 
Als je soms ziet wat er in de huidige Botanische Tuin allemaal wordt vernield of hoe men de Tuin als hangplek denkt te moeten gebruiken of met welke nonchalance bezoekers soms door kwetsbare begroeiing heenbanjeren, komt enig terugverlangen naar boven naar die tijd van vroeger. Hopen dat het goed blijft gaan. Hortus Arcadië is immers een cadeautje voor Nijmegen! De vrijwilligers, medewerkers, leiding, bestuur en alle vrienden van Hortus Arcadië verdienen allen zonder uitzondering welgemeende gelukwensen.

naar Plant v.d. week Archief