|
Vooral in Midden Europa vormen de Amerikaanse
guldenroedesoorten een ware plaag in natuurgebieden. De
groeikracht blijkt enorm. De wortels van deze soorten maken een
dicht netwerk waarbij geen groeiruimte meer overblijft voor
andere planten. De wortels schijnen zelfs een stof te produceren
welke als een soort vergif werkt op de groei van andere soorten.
Eigenlijk betreft het hier twee verschillende soorten: de
Canadese guldenroede (Solidago canadensis) en de Late
guldenroede (Solidago gigantea). Beide soorten lijken erg op
elkaar, maar ze hebben toch enkele duidelijke verschillen. De
Canadese guldenroede wordt namelijk meestal niet hoger dan 1.00
meter; de onderkans van het blad is groen en licht behaard; ook
het bovenste gedeelte van de stengel is een beetje behaard. De
Late guldenroede wordt nog eens een stuk groter, tot soms wel
ruim 1½ meter hoog. De takjes met bloemen buigen ver zijwaarts
uit en vormen een soort waaier. De onderkant van het
lancetvormige blad is blauwgroen en niet behaard. Ook de
paarsrode stengel is niet behaard.
Heeft men deze plantensoorten eenmaal in zijn tuin, dan dient
men ieder jaar met schop en riek actie ondernemen. Laat men dit
na, dan raken bloemenborders binnen enkele jaren overwoekerd.
Desondanks is het een gewaardeerde snijbloem. Bloemisten
gebruiken de heldergele bloemtakken graag in zomerboeketten:
goed houdbaar in een vaas, ruim verkrijgbaar, goed vullend en …
goedkoop.
In Nederland groeit van oorsprong nog een guldenroedesoort,
namelijk de Echte guldenroede. De plant wordt echter steeds
zeldzamer en staat als beschermde soort dan ook op de zgn. Rode
Lijst. Met de nodige omzichtigheid koesteren medewerkers van
Hortus Arcadië de enkele exemplaren in het heidegedeelte van de
Botanische Tuin. Indringers van ‘Noord Amerikaanse oorsprong’
verwijderen ze zorgvuldig, ook om te voorkomen dat
kruisbestuiving plaats vindt en de inheemse soort overwoekerd
raakt. De wettelijke beschermde Echte guldenroede wil men kost
wat kost handhaven.
Echte guldenroede is relatief gemakkelijk te onderscheiden van
de Amerikaanse concurrentie. De soort wordt met circa 50 – 75
centimeter lang niet zo hoog. De bladeren worden van beneden
naar boven geleidelijk korter en smaller. De zijtakjes met
bloemen buigen niet zijwaarts af, maar staan borstelvormig
schuin en recht naar boven. De afzonderlijke bloemetjes zijn
groter dan de concurrentie. De gele lintbloemen steken duidelijk
buiten de bloemhoofdjes uit.
De wetenschappelijke naam van Echte guldenroede luidt Solidago
virgaurea. Het Latijnse solidus duidt op ‘sterk, stevig of
gezond’. Ago staat voor het werkwoord ‘maken’. Opvallend is de
wetenschappelijke toevoeging virgaurea. In de Middeleeuwen gaf
men de plant namelijk al de naam Virga aurea; dus zonder
‘Solidago’ ervoor. Virga aurea betekent zo veel als gouden
bezem, gouden takkenbos. In het Frans spreekt men nog steeds
over Verge d’or. In Midden Brabant wordt de soort van oudsher
ook wel ‘Damesveer’ genoemd, maar iets zuidelijker in Vlaanderen
en in de Kempen duikt de naam ‘Gouden bezem’ en ‘Goudenregen’
op.
Echte Guldenroede is niet alleen vanwege zijn zeldzaamheid
bijzonder. In de volksgeneeskunst wordt aan deze soort ook nog
eens tal van goede eigenschappen toegekend. Thee, getrokken van
de bladeren, blijkt bijna overal goed voor te zijn. Vooral bij
nier- en blaasproblemen, maar ook in geval van darm-, mond- en
huidontstekingen, reuma of jicht. Zelfs kinderen met kinkhoest
kunnen er baat bij hebben. Af en toe komen geluiden naar voren
dat de massale groei van (de Noord Amerikaanse) Guldenroede
hooikoorts zou bevorderen. Dit is niet juist. Waarschijnlijk
verwarmt men Guldenroede dan met de Alsemambrosia die ook in de
zomer tot laat in het najaar bloeit. Bij de massale groei van
Guldenroede ontstaat vanzelfsprekend wel veel stuifmeel, maar
dit stuifmeel is te zwaar voor verspreiding door de lucht.
Afgezien van het speurtocht naar medicinale kwaliteiten van
Guldenroede, hebben onderzoekers in de 20e eeuw nog andere
experimenten uitgevoerd. Zo blijken de stengels een
rubberachtige substantie te bevatten. Wellicht een prima
vervangingsmiddel voor natuurrubber. Geprobeerd is deze
substantie te winnen, maar een groot succes werd dit niet. Het
moet niemand verwonderen wanneer iemand deze draad in de nabije
toekomst toch weer eens oppakt.
 |
Alle
guldenroedesoorten trekken veel insecten aan: vliegen,
dag- en nachtvlinders, bijen, hommels, wespen |
|
 |
|
á
echte guldenroede |
 |
|
↑
Late guldenroede: in knop (↑)
en in volle bloei ( ↓) |
 |
|
|
 |
|
↑
detail bloeiwijze Late
guldenroede |
|
naar Plant v.d.
week Archief |
|